Ik weet slechts een ding, dat ik niets weet. - Socrates

Afrikaart 4Niet perse een fijne stad. De sfeer in het centrum is behoorlijk intens, niet op een positieve manier. Als blanke ben je een lichtbaken voor zij die op zoek zijn naar geld. Dat zijn nogal wat mensen. Mijn eerste dagen in Addis, zo mag ik haar ondertussen noemen, waren dan ook absoluut niet prettig. Ik had overal het gevoel dat ik werd opgelicht waardoor ik liever ging lopen dan dat ik in een minibus stapte. Wanneer je vraagt of een busje naar jouw richting gaat is het eerste antwoord; yes! Waar of niet waar. Het vergt wat overtuigingskracht om daar tegenin te gaan. En aangezien dit mijn eerste Afrika ervaring is moest ik daar mijn weg nog in vinden.

Tegelijkertijd wil je wel zo open mogelijk zijn en iedereen met (jouw) respect behandelen. Bedelaars gewoon gedag zeggen. Beginnersfout. Dan kom je juist niet meer van ze af. Salem (of selam, daar hebben Margit en ik een meningsverschilletje over) roepen naar kinderen die YOU! roepen. Beginnersfout. Dan kom je niet meer van ze af. Ze zeggen in Addis geen gedag om het gedagzeggen, niet tegen een blanke in ieder geval. Zodra je een vinger uitsteekt hebben ze je hand. Een blanke kan je in die zin wel vergelijken met een zak geld. En tja, wie laat er nou een zak geld voorbij lopen zonder proberen daar even in te graaien?

Gelukkig zijn er ook studenten in deze stad! Ze spreken goed Engels en willen dat graag met je oefenen. Ze lopen een stukje met je mee. Zo ook Daniel (Ethiopië is christelijk dus veel christelijke namen). Hij spreekt mij sympathiek aan op straat, vraagt of ik basketbal speel. Ik ben namelijk nogal lang vind hij. Ik vertel hem dat ik uit Nederland kom en dat we daar allemaal wat langer zijn. Hij reageert enthousiast; ghoe haat het? Ik lach. Hij heeft vorig jaar gestudeerd met een Nederlander. Hij deed toen iets met business. Na een jaar is hij gestopt omdat hij het niet meer kan betalen. Nu is hij DJ, althans part-time, hij draait een paar keer per week in een club. Van alles door elkaar vertelt hij, je moet aan iedereen zijn of haar wens voldoen. Hij doet het graag.

Ik vraag hem of hij uit Addis komt. Hij antwoordt dat hij uit een regio ten oosten komt. Een mooie omgeving en al zijn familie woont er nog. Maar hij kan er geen werk vinden. Het leven is moeilijk in Afrika zegt hij. Vervolgens vertelt hij dat het vandaag een nationale feestdag is! Dat houdt in samen eten, samen dansen en samen Qat kauwen. Hartstikke gezellig! Hij vraagt heel vriendelijk of ik met hem mee ga. Ik vind zijn vraag ook vriendelijk maar ik voel me er niet helemaal lekker bij. Ik ken de stad nog niet voldoende om alleen met hem mee te gaan, dus ik verzin dat mijn gastheer op mij wacht. Als hij terug is gaan we dan vast ook “feest” vieren. Hij oppert dat mijn gastheer voorlopig vast nog niet klaar is met werken, het is immers 13u. Gelukkig werkt hij thuis (denk en zeg ik).

Dan moeten we maar nummers uitwisselen. Alleen heb ik nog geen Ethiopisch nummer! Stom. Dus ik zeg dat vanavond dan niet door gaat maar dat ik hem morgen wel bel, dan heb ik vast een Ethiopisch nummer. Maar zo makkelijk kom ik er niet vanaf, hij weet namelijk een winkeltje om de hoek die wel simkaarten verkoopt, dus gaan we daar heen. Na drie winkeltjes hebben we nog geen simkaart, jammer maar goed ik kijk morgen wel. (Stiekem vind ik het natuurlijk helemaal niet erg want eerlijk gezegd neemt mijn wantrouwen evenredig toe aan zijn pogingen om mij mee te krijgen).

Terwijl ik afscheid probeer te nemen vertelt hij dat Amhaars leren het makkelijkst gaat via muziek. Hij bedenkt zich dan dat ik dan misschien wel een cd van hem wil kopen. Dan help ik hem ook een beetje. Maar ondertussen merk ik aan mijzelf dat ik er helemaal klaar mee ben. Ik voel dat ik in zijn ogen een geldkluis ben die hij op allerlei manieren probeert te kraken. Ik zeg hem dat het mij spijt maar dat ik niets van hem koop. Dat ik hem een fijne dag en succes wens en dat ik verder ga.

Dan volgt zijn laatste poging. Hij zegt dat hij het egoïstisch vindt dat ik naar Afrika gekomen ben om alleen maar te profiteren en niets terug geef. Je hoort de mensen (hem dus) hier iets terug te geven. Ik antwoord, chagrijnig, dat hij gelijk heeft en Goodbye.

Dit is een samengesteld gesprek van wat ik met drie jongens heb meegemaakt. Alle drie de jongens hadden een jaar gestudeerd, waren blij dat ze hun Engels konden oefenen en alle drie waren part-time DJ. Nu achteraf met meer informatie herken je de tactieken waarmee ze zoveel mogelijk geld uit je proberen te trekken. Daar kan je op de blog van Arie wat meer over lezen.

Waar het op neer lijkt te komen, in Addis, is dat iedereen die jou aanspreekt geld van je wilt. De een heeft een geraffineerdere werkwijze dan de ander. Ze beginnen vrolijk en zoeken snel naar overeenkomsten (waar of niet waar). Ze kennen iemand in Nederland of spreken een zinnetje. Dan gaan ze door naar een sneu verhaal waarna je geld moet geven. Of nee moet zeggen maar dat is verdomd lastig want ze drijven het zo ver dat het onmenselijk is om niets te geven. Het komt er op neer dat je hoe dan ook een slecht gevoel krijgt, of je nou wat geeft of niet. Je voelt je sowieso opgelicht.

Pas zodra je doorhebt dat je geen moment moet twijfelen en gesprekken meteen af moet kappen, dan heb je de tijd en rust om de mooie kant van Addis te zien. Niet dat ik vind dat Addis een mooie stad is. Maar dat komt meer doordat Addis en ik elkaar niet goed begrijpen, we hebben simpelweg karakters die elkaar niet perse liggen. Maar ondanks dat hebben we een manier gevonden om met elkaar om te gaan. En dan is Addis een prima stad om te zijn.

Gelukkig heb ik van Margit begrepen dat dit niet Afrika is zoals zij het fijn vindt.

Cardy

2 commentaren

  1. Janneke
    23 juli 2015    

    Indrukwekkend verhaal, Cardy. Ik herinner me uit Gambia ook dit soort ‘gesprekken’ – toen een van de jongens enthousiast vertelde dat hij op vakantie was geweest in Almere (of all places…) viel-ie een beetje door de mand…

    • Cardy
      24 juli 2015    

      Hahaha! Behalve kattenhotelalmere.nl is er daar niet heel veel te beleven nee..

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Mee doen met de Tien geboden?

Wij zijn Margit en Cardy en hebben in november 2014 besloten om voor onbepaalde tijd door Afrika te reizen. Mei 2015 zijn wij vertrokken. We hebben deze keuze gemaakt omdat we samen willen uitzoeken hoe we, bij terugkomst, ons leven willen gaan leiden.

Als je in Nederland opgroeit dan krijg je uiteraard de Nederlandse normen en waarden geleerd en is er een duidelijk verwachtingspatroon over hoe je je leven leeft. Om hier niet direct in te vervallen of misschien zelfs een andere keuze te maken, wilden we weg uit Nederland. Weg om onze gedachten op een rij te zetten en weg om andere normen, waarden en paden te leren kennen.

Op het moment van vertrek waren wij beiden zesentwintig, Margit had dat jaar haar studie Geneeskunde afgerond en ik werkte fulltime in een eetbar. Hoewel we allebei een totaal andere achtergrond/geschiedenis hebben, denken we hetzelfde over onze toekomst en vullen we die heel graag samen in.

Eenmaal terugkomen in Nederland, Groningen om precies te zijn, willen we graag onze eigen buurthuisbar starten. Een plek voor de buurt om bewust te worden van alles wat in andere landen of culturen misschien heel normaal is maar wat we in Nederland soms vergeten. Een plek waar we mensen bewust willen maken van hun gedachten over tijd, maatschappij, familie, creativiteit, filosofie en geld. En een plek waar we kunnen samen-leven.

Ondertussen zijn we bezig met ons grote mensen leven in Groningen vorm te geven en gebeurt er even niet zo veel op deze website. Wie weet volgt er nog een nieuw avontuur of een nieuw project, dan horen jullie van ons!